Zorgstructuur

Leerlingen op de Cor Emousschool hebben extra aandacht en begeleiding nodig. We
werken “handelingsgericht”. Dat wil zeggen dat we uitgaan van de onderwijsbehoeften
van onze leerlingen en vooral hun sterke kanten willen benutten. Bij handelingsgericht
werken speelt de samenwerking met de ouders een belangrijke rol.

Zorgstructuur

De leerlingen worden systematisch gevolgd in hun ontwikkeling. De school heeft een uitgebreid leerlingvolgsysteem. Een aantal malen per jaar worden toetsen afgenomen. Aan de hand van deze toetsen kunnen wij systematisch gedurende de hele schoolloopbaan de ontwikkeling van een leerling volgen. Wij maken gebruik van de Cito-toetsen voor technisch lezen, begrijpend lezen, spelling en rekenen. In de kleutergroepen worden geen Cito-toetsen afgenomen. De ontwikkeling van de kleuters wordt systematisch geobserveerd en geregistreerd in het leerlingvolgsysteem. 

In de groepen 3 tot en met 8 worden, naast de Cito-toetsen, methode gebonden toetsen afgenomen. Ook worden met behulp van het leerlingvolgsysteem Zien! de sociaal-emotionele vaardigheden van de leerlingen gevolgd. Dit gebeurt in de groepen 1 tot en met 8. 

OPP

Wij werken planmatig met onze leerlingen. Dat betekent dat als er een leerling bij ons op school wordt geplaatst, er een ontwikkelingsperspectief plan (OPP) wordt opgesteld. Dit plan, waarin de doelen voor de komende periode staan beschreven, wordt bij plaatsing met de ouders besproken. Aan het eind van elk schooljaar wordt bekeken of de doelen zijn behaald en wordt op basis van de evaluatie het OPP aangepast. In het OPP wordt ook aangegeven wat de verwachte uitstroombestemming is. Bij aanpassing van de verwachte uitstroombestemming wordt het (medisch) advies van de schoolarts gevraagd. 

Hoorrecht

Leerlingen mogen meepraten over hun OPP. Dit is ook vastgelegd in de wet, het zogenaamde hoorrecht. Het hoorrecht geldt voor alle leerlingen, dus ongeacht hun leeftijd. Wij voeren het gesprek op een manier die past bij de leeftijd en het ontwikkelingsniveau van de leerling.
De gesprekken worden gevoerd door de groepsleerkracht en vinden minimaal één keer per jaar plaats. Iedere leerling heeft het recht om zijn of haar mening te geven, maar het is geen verplichting. Een leerling mag dus ook aangeven geen behoefte te hebben aan een gesprek.
Bij de gesprekken gebruiken we visuele ondersteuning, zodat leerlingen op weg worden geholpen en beter in staat zijn om hun mening te uiten.

Leerling- en groepsbesprekingen

Alle leerlingen worden minstens één keer per schooljaar besproken tijdens de
leerlingbespreking in april. Medio november vinden er groepsbesprekingen plaats waarin de leerlingen binnen de groep als geheel worden besproken. Uit deze besprekingen of anderszins kan blijken dat er een hulpvraag is voor extra of intensieve zorg. Is dit het geval, dan wordt de leerling eerst besproken in een intern overleg. Zo nodig kan worden opgeschaald naar een multidisciplinair overleg (MDO).

Aan een MDO nemen de vaste leden van het multidisciplinair team (MDT) deel. Dit zijn de intern begeleider, de gedragswetenschapper, de maatschappelijk deskundige, de logopedist en de jeugdarts. Daarnaast worden ook de groepsleerkracht van de leerling en de ouders uitgenodigd voor het overleg. Indien noodzakelijk of gewenst, sluiten andere disciplines aan.
Op basis van het gesprek wordt een plan van aanpak opgesteld of het bestaande plan wordt bijgesteld. Ouders zijn altijd betrokken bij de stappen die worden gezet.

De begeleiding van leerlingen naar het voortgezet onderwijs

Wanneer leerlingen 12 jaar oud zijn, gaan zij de overstap maken naar het voortgezet onderwijs. Om deze overgang zo soepel mogelijk te laten verlopen, is er een traject vastgesteld met een aantal vaste stappen. Bij het doorlopen van de stappen zijn ouders en leerlingen nauw betrokken. We volgen de afspraken die binnen de regio Haaglanden zijn gemaakt over de overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet onderwijs. Wanneer de regionale afspraken veranderen, passen wij ons traject hierop aan. Daarnaast hebben we te maken met landelijke wet- en regelgeving. Zo is het sinds enige tijd ook voor het speciaal onderwijs verplicht om de doorstroomtoets (voorheen de eindtoets) af te nemen.

Het traject:

  • In oktober worden alle ouders van de schoolverlaters uitgenodigd voor een voorlichtingsavond over het voortgezet onderwijs en het schoolverlaterstraject.
  • In januari krijgen ouders en leerling het schooladvies waarmee de leerling kan worden aangemeld bij een school voor Voortgezet Onderwijs.
  • In februari wordt de doorstroomtoets Route 8 afgenomen.
  • In maart ontvangt de school de uitslag van de Route 8 toets.  

 

De toetsuitslag leidt tot één van de volgende scenario’s:

  • De uitslag van de Route 8 toets komt overeen met het schooladvies dat is gegeven in december. Het schooladvies verandert niet.
  • De uitslag van de Route 8 toets geeft een lager advies dan het advies dat is gegeven in december. Het schooladvies verandert niet.
  • De uitslag van de Route 8 toets geeft een hoger advies dan het advies dat is gegeven in december. De school bekijkt of het advies dat is gegeven in januari omhoog wordt bijgesteld en of dit in het belang van de leerling is. Ouders en leerling worden op de hoogte gebracht van de uitkomst van de heroverweging en de wijze waarop deze uitkomst tot stand is gekomen.

 

Op basis van het schooladvies, melden ouders zelf hun kind aan bij de school voor voortgezet onderwijs van hun keuze. Onze school monitort of alle leerlingen een passende plek hebben gevonden en ondersteunt ouders daar waar nodig bij het aanmeldproces.

Meer informatie over de overgang naar het voortgezet onderwijs vindt u op de website van BOVO Haaglanden. Opmerking: wanneer uw kind naar het VierTaal College gaat, gelden er andere afspraken. Ook op Scholenwijzer Den Haag is veel informatie te vinden. 

Meer informatie over het schoolverlaterstraject is te vinden in de Schoolgids.